Vraagstukken uit de educatieve technologie (B-KUL-P0L84A)

5.0 studiepunten Nederlands 32.5 Eerste semesterEerste semester Verdiepend
Elen Jan (coördinator) |  Elen Jan |  Vandewaetere Mieke
POC Bachelor Pedagogische wetenschappen

Op grond van dit opleidingsonderdeel verwerven de studenten:
* kennis over het gebruik van ICT en Media in het onderwijs
* inzicht in de onderwijstechnologische basisvragen
* de competentie om optimaliseringssuggesties te formuleren, te onderbouwen en kritisch te evalueren

Studenten hebben inzicht in de basisbegrippen uit de onderwijspsychologie (onder meer verworven via P0L72 Instructiepsychologie en -technologie).
Verder wordt er van uitgegaan dat studenten over de basisvaardigheden in het gebruik van computers en Internet beschikken.
De studenten staan ook open voor het gebruik en uitproberen van technologische toepassingen. 

Er kunnen vijf delen worden onderscheiden (deze komen niet noodzakelijk in de volgorde zoals hieronder vermeld aan bod):
a) onderwijstechnologische basisvragen met onder meer aandacht voor het mediadebat.
b)de relatie tussen onderwijstechnologische toepassingen en visies op leren en instructie.
c) de evolutie van tekst naar multimediaal leren.
d) ICT-integratie 
e) nieuwe ontwikkelingen

Artikels en literatuur
Toledo

Je moet voldoen aan een volgtijdelijkheidsvoorwaarde om dit opleidingsonderdeel te mogen opnemen. Volgtijdelijkheid kan STRENG of SOEPEL zijn of een GELIJKTIJDIGHEID inhouden. Ook kan een diplomaNIVEAU als voorwaarde gesteld zijn.
Verklaring:
STRENG: Om dit opleidingsonderdeel op te nemen, moet je geslaagd zijn voor of een tolerantie ingezet hebben voor de opleidingsonderdelen waarvoor dit soort voorwaarde geldt.
SOEPEL: Om dit opleidingsonderdeel op te nemen, moet je de opleidingsonderdelen waarvoor dit soort voorwaarde geldt, gevolgd hebben.
GELIJKTIJDIG: Om dit opleidingsonderdeel op te nemen, moet je ook de opleidingsonderdelen waarvoor dit soort voorwaarde geldt, opnemen of al opgenomen hebben.
NIVEAU: Om dit opleidingsonderdeel op te nemen, moet je ten minste deze graad behaald hebben.


GELIJKTIJDIG (P0L72A)

Bovenstaande codes van opleidingsonderdelen stemmen overeen met onderstaande omschrijvingen van die opleidingsonderdelen:
P0L72A : Instructiepsychologie en -technologie

Dit opleidingsonderdeel is een voorwaarde voor het opnemen van volgende opleidingsonderdelen:
P0S32A : Stage

Onderwijsleeractiviteiten

5.0 sp. Vraagstukken uit de educatieve technologie (B-KUL-P0L84a)

5.0 studiepunten Nederlands Werkvorm: College 32.5 Eerste semesterEerste semester
POC Bachelor Pedagogische wetenschappen

Er kunnen vijf delen worden onderscheiden (deze worden niet noodzakelijk in onderstaande volgorde behandeld).
a)onderwijs-technologische basisvragen met onder meer aandacht voor het mediadebat.
b) de relatie tussen onderwijs-technologische toepassingen en visies op leren en instructie .
c) de evolutie van tekst naar multimediaal leren .
d) ICT-integratie
e) nieuwe ontwikkelingenworden.

 Op grond van dit opleidingsonderdeel verwerven de studenten:
* kennis over het gebruik van ICT en Media in het onderwijs
* inzicht in de onderwijstechnologische basisvragen
* de competentie om optimaliseringssuggesties te formuleren, te onderbouwen en kritisch te evalueren

Van de studenten wordt verwacht dat ze
a. de colleges grondig voorbereiden door op basis van een studie van de teksten vragen en discussiepunten in te brengen
b. de opdracht uitvoeren die er in bestaat met een relatief recente technologische tool aan de discussie over onderwijs-technologische onderwerpen te participeren

De teksten voor de colleges zijn een bundeling van artikelen en hoofdstukken uit belangrijke referentiewerken. Uiteraard wijzigt
deze lijst jaarlijks doordat ze regelmatig wordt aangepast aan nieuwe
literatuur.
 

Evaluatieactiviteiten

Evaluatie: Vraagstukken uit de educatieve technologie (B-KUL-P2L84a)

Modaliteit van de evaluatie : Mondeling met schriftelijke voorbereiding
Tijdstip : examen tijdens de examenperiode
Soort evaluatie : Take-Home

Het examen neemt de vorm aan van een take home examen. Studenten bedenken een vraag op basis van de cursis en trachten die te beantwoorden aan de hand van een concept map waarin max. 30 begrippen worden gebruikt. Tijdens het mondelinge examen lichten de studenten hun concept map toe en kunnen nog bijkomende vragen gesteld worden uit de teksten van de cursus op basis van hun concept map. 
Bij een tweede examenkans passen de studenten hun concept map aan of maken een nieuwe en lichten deze tevens toe tijdens een mondeling examen.