Onderwijs, opvoeding en samenleving (B-KUL-O0A62A)
Doelstellingen
- De studenten beschikken over de kennis, het inzicht en de terminologie om actief deel te nemen aan het maatschappelijk debat over pedagogisch-onderwijskundige themas en om te dialogeren over hun beroep en over hun plaats als leraar en die van de school/het onderwijs in de samenleving. Dit betekent dat studenten op een genuanceerde en beargumenteerde wijze een eigen standpunt kunnen ontwikkelen ten aanzien van actuele kwesties op de volgende domeinen: sociaal-politiek (bv. visies op onderwijsbeleid, relatie vrijheid-controle), sociaal-economisch (bv. onderwijsgelijkheid, visies en initiatieven hieromtrent), levensbeschouwelijk (bv. pedagogische vrijheid) en cultureel-wetenschappelijk (bv. rol van deskundigheid).(zie ook: de leraar als lid van de onderwijsgemeenschap, als cultuurparticipant)
- De studenten beschikken over de kennis, het inzicht en de terminologie om de pedagogische opdracht van de (vak)leraar te expliciteren; ze kunnen betekenis geven aan deze opdracht in relatie tot hun vakinhoudelijke taken en tot de opdracht van de school (in relatie tot het gezin enerzijds en de samenleving anderzijds); en ze kunnen op een genuanceerde en beargumenteerde wijze een eigen visie en standpunt ontwikkelen omtrent hun pedagogische taak als (vak)leraar en de betekenis hiervan voor de leerling. Centraal daarbij staat de wijze waarop de relatie (van meesterschap, liefde, inspiratie
) tot het eigen vak van belang is in het tot stand brengen van een (inspirerende) pedagogische relatie met leerlingen. (zie ook: de leraar als opvoeder/inhoudelijke expert)
- De studenten beschikken over de kennis, het inzicht en de terminologie om hun pedagogische opdracht en aanpak als (vak)leraar en hun standpunt en visie ten aanzien van onderwijskundige themas (bv. onderwijsgelijkheid) bespreekbaar te maken in teamverband, en hierover op een genuanceerde en beargumenteerde manier te communiceren met externen. (zie ook: de leraar als partner van een schoolteam, als partner van externen)
- De studenten zijn bereid en in staat hun pedagogische opdracht en de algemene rol van de school/het onderwijs op een kritische wijze te benaderen en te evalueren in het licht van ontwikkelingen in de samenleving en de wetenschap, en op basis hiervan een genuanceerd en beargumenteerd standpunt in te nemen en een visie te formuleren. (zie ook: de leraar als innovator en als onderzoeker)
Begintermen
Er zijn geen specifieke begintermen. Wel wordt van ALO-studenten een permanente belangstelling voor het onderwijsgebeuren op macro-, meso- en microniveau verwacht.
Inhoud
Dit opleidingsonderdeel is opgebouwd rond actuele ontwikkelingen, uitdagingen en problemen op het raakvlak van onderwijs en samenleving enerzijds en school/leraarschap en samenleving anderzijds. Voorbeelden van dergelijke kwesties zijn (kansen)gelijkheid in het onderwijs (reproduceert de school de ongelijkheid in de samenleving?) en de pedagogische taak van de leraar (kan en moet de leraar een opvoedkundige taak opnemen?). Over deze en andere zaken wordt er een maatschappelijk debat gevoerd. In die zin kan men spreken van publieke kwesties. Van (toekomstige) leraren kan men verwachten dat ze met kennis van zaken en op een genuanceerde en beargumenteerde wijze een eigen standpunt kunnen innemen in deze publieke debatten.
Dit betekent dat studenten met betrekking tot (een selectie van) kwesties enerzijds de geschikte kennis, inzicht en terminologie verwerven en anderzijds de vaardigheden ontwikkelen om een standpunt in te nemen, te formuleren en dit genuanceerd te beargumenteren. Beide doelstellingen worden geëvalueerd tijdens het examen (schriftelijk, gesloten boek).
Tijdens de colleges wordt een selectie van actuele kwesties ingeleid (hoe wordt het debat vandaag gevoerd?) om ze vervolgens diepgaand te bestuderen aan de hand van een selectie van teksten. Rekening houdend met recente ontwikkelingen in het onderwijs kan de selectie van het tekstmateriaal jaarlijks aangepast worden.
Tijdens de colleges worden bovendien interactiemomenten voorzien. Voor sommige kwesties wordt ter ondersteuning gebruik gemaakt van beeldmateriaal of bijkomende literatuur (bv. film, documentaire, roman).
Er is tijdens de colleges steeds de gelegenheid om vragen te stellen.
De algemene opbouw van dit opleidingsonderdeel is als volgt:
DEEL 1: Raakvlak van onderwijs en samenleving
1.1 Situering: historische achtergrond en actualiteit
* beknopte geschiedenis van het Belgische/Vlaamse onderwijssysteem/ onderwijspolitiek
* de relatie vrijheid-controle in de Belgische/Vlaamse onderwijspolitiek
1.2. Kwestie: actuele beleidscontext
* de gewijzigde context van onderwijsbeleid (uitdagingen mbt decentralisatie, neoliberalisme, kwaliteitszorg, accountability,
)
* de positie/rol van de school in de gewijzigde beleidscontext
* actuele uitdagingen voor de school in de gewijzigde beleidscontext
1.3. Kwestie: (on)gelijkheid in het onderwijs
* situering van problematiek van (kansen)(on)gelijkheid in het Vlaamse onderwijs
* algemene opvattingen over en verklaringen van (onderwijs)ongelijkheid
* actuele uitdagingen en hervormingen mbt onderwijsgelijkheid
DEEL 2: Raakvlak van school/leraar en samenleving
2.1. Situering: historische achtergrond en actualiteit
* beknopte historische en actuele situering van de pedagogische rol van de leraar/school
* opvattingen over de pedagogische rol van de leraar/school
2.2. Kwestie: de pedagogische opdracht van de school
* uitdagingen mbt de pedagogische en publieke betekenis van de school (in relatie tot gezin en samenleving)
* betekenis van (schoolse) studie, oefening, leerstof
2.3. Kwestie: de pedagogische opdracht van de leraar
* uitdagingen mbt de pedagogische en publieke rol van de leraar (in relatie tot gezag, waarden, persoon, maatschappelijke ontwikkelingen,
)
* betekenis van meesterschap/deskundigheid, kwetsbaarheid, liefde voor het vak, passie,
Aard van het studiemateriaal
Artikels en literatuur
Toledo
Volgtijdelijkheidsvoorwaarden
Dit opleidingsonderdeel is een voorwaarde voor het opnemen van volgende opleidingsonderdelen:
O0A08A : Vakdidactiek gedragswetenschappen
Plaats in het onderwijsaanbod
- Specifieke lerarenopleiding economie (Specifieke lerarenopleiding economie) 60 sp.
- Specifieke lerarenopleiding maatschappijwetenschappen en filosofie (Specifieke lerarenopleiding maatschappijwetenschappen en filosofie) 60 sp.
- Specifieke lerarenopleiding gedragswetenschappen (Specifieke lerarenopleiding gedragswetenschappen) 60 sp.
-
Master in de psychologie
120 sp.
-
Master in de wijsbegeerte
60 sp.
- Bachelor in de wijsbegeerte (Optie Algemene wijsbegeerte) 180 sp.

Onderwijsleeractiviteiten
3.0 sp. Onderwijs, opvoeding en samenleving (B-KUL-O0A62a)
Inhoud
Dit opleidingsonderdeel is opgebouwd rond actuele ontwikkelingen, uitdagingen en problemen op het raakvlak van onderwijs en samenleving enerzijds en school/leraarschap en samenleving anderzijds. Voorbeelden van dergelijke kwesties zijn (kansen)gelijkheid in het onderwijs (reproduceert de school de ongelijkheid in de samenleving?) en de pedagogische taak van de leraar (kan en moet de leraar een opvoedkundige taak opnemen?). Over deze en andere zaken wordt er een maatschappelijk debat gevoerd. In die zin kan men spreken van publieke kwesties. Van (toekomstige) leraren kan men verwachten dat ze met kennis van zaken en op een genuanceerde en beargumenteerde wijze een eigen standpunt kunnen innemen in deze publieke debatten.
Dit betekent dat studenten met betrekking tot (een selectie van) kwesties enerzijds de geschikte kennis, inzicht en terminologie verwerven en anderzijds de vaardigheden ontwikkelen om een standpunt in te nemen, te formuleren en dit genuanceerd te beargumenteren. Beide doelstellingen worden geëvalueerd tijdens het examen (schriftelijk, gesloten boek).
Tijdens de colleges wordt een selectie van actuele kwesties ingeleid (hoe wordt het debat vandaag gevoerd?) om ze vervolgens diepgaand te bestuderen aan de hand van een selectie van teksten. Rekening houdend met recente ontwikkelingen in het onderwijs kan de selectie van het tekstmateriaal jaarlijks aangepast worden.
Tijdens de colleges worden bovendien interactiemomenten voorzien. Voor sommige kwesties wordt ter ondersteuning gebruik gemaakt van beeldmateriaal of bijkomende literatuur (bv. film, documentaire, roman).
Er is tijdens de colleges steeds de gelegenheid om vragen te stellen.
De algemene opbouw van dit opleidingsonderdeel is als volgt:
DEEL 1: Raakvlak van onderwijs en samenleving
1.1 Situering: historische achtergrond en actualiteit
* beknopte geschiedenis van het Belgische/Vlaamse onderwijssysteem/ onderwijspolitiek
* de relatie vrijheid-controle in de Belgische/Vlaamse onderwijspolitiek
1.2. Kwestie: actuele beleidscontext
* de gewijzigde context van onderwijsbeleid (uitdagingen mbt decentralisatie, neoliberalisme, kwaliteitszorg, accountability,
)
* de positie/rol van de school in de gewijzigde beleidscontext
* actuele uitdagingen voor de school in de gewijzigde beleidscontext
1.3. Kwestie: (on)gelijkheid in het onderwijs
* situering van problematiek van (kansen)(on)gelijkheid in het Vlaamse onderwijs
* algemene opvattingen over en verklaringen van (onderwijs)ongelijkheid
* actuele uitdagingen en hervormingen mbt onderwijsgelijkheid
DEEL 2: Raakvlak van school/leraar en samenleving
2.1. Situering: historische achtergrond en actualiteit
* beknopte historische en actuele situering van de pedagogische rol van de leraar/school
* opvattingen over de pedagogische rol van de leraar/school
2.2. Kwestie: de pedagogische opdrachtvan de school
* uitdagingen mbt de pedagogische en publieke betekenis van de school (in relatie tot gezin en samenleving)
* betekenis van (schoolse) studie, oefening, leerstof
2.3. Kwestie: de pedagogische opdracht van de leraar
* uitdagingen mbt de pedagogische en publieke rol van de leraar (in relatie tot gezag, waarden, persoon, maatschappelijke ontwikkelingen,
)
* betekenis van meesterschap/deskundigheid, kwetsbaarheid, liefde voor het vak, passie,
Doelstellingen
- De studenten beschikken over de kennis, het inzicht en de terminologie om actief deel te nemen aan het maatschappelijk debat over pedagogisch-onderwijskundige themas en om te dialogeren over hun beroep en over hun plaats als leraar en die van de school/het onderwijs in de samenleving. Dit betekent dat studenten op een genuanceerde en beargumenteerde wijze een eigen standpunt kunnen ontwikkelen ten aanzien van actuele kwesties op de volgende domeinen: sociaal-politiek (bv. visies op onderwijsbeleid, relatie vrijheid-controle), sociaal-economisch (bv. onderwijsgelijkheid, visies en initiatieven hieromtrent), levensbeschouwelijk (bv. pedagogische vrijheid) en cultureel-wetenschappelijk (bv. rol van deskundigheid).(zie ook: de leraar als lid van de onderwijsgemeenschap, als cultuurparticipant)
- De studenten beschikken over de kennis, het inzicht en de terminologie om de pedagogische opdracht van de (vak)leraar te expliciteren; ze kunnen betekenis geven aan deze opdracht in relatie tot hun vakinhoudelijke taken en tot de opdracht van de school (in relatie tot het gezin enerzijds en de samenleving anderzijds); en ze kunnen op een genuanceerde en beargumenteerde wijze een eigen visie en standpunt ontwikkelen omtrent hun pedagogische taak als (vak)leraar en de betekenis hiervan voor de leerling. Centraal daarbij staat de wijze waarop de relatie (van meesterschap, liefde, inspiratie
) tot het eigen vak van belang is in het tot stand brengen van een (inspirerende) pedagogische relatie met leerlingen. (zie ook: de leraar als opvoeder/inhoudelijke expert)
- De studenten beschikken over de kennis, het inzicht en de terminologie om hun pedagogische opdracht en aanpak als (vak)leraar en hun standpunt en visie ten aanzien van onderwijskundige themas (bv. onderwijsgelijkheid) bespreekbaar te maken in teamverband, en hierover op een genuanceerde en beargumenteerde manier te communiceren met externen. (zie ook: de leraar als partner van een schoolteam, als partner van externen)
- De studenten zijn bereid en in staat hun pedagogische opdracht en de algemene rol van de school/het onderwijs op een kritische wijze te benaderen en te evalueren in het licht van ontwikkelingen in de samenleving en de wetenschap, en op basis hiervan een genuanceerd en beargumenteerd standpunt in te nemen en een visie te formuleren. (zie ook: de leraar als innovator en als onderzoeker)
Studiemateriaal
Artikels en literatuur (ACCO stelt de reader ter beschikking; de datum wordt via Toledo meegedeeld)
Toledo (handouts en eventueel bijkomende teksten/documenten)
