Neus-, keel- en oorziekten en stomatologie (B-KUL-E02L7A)
Doelstellingen
Je ontwikkelt kennis, inzicht en vaardigheden m.b.t. de meest voorkomende ziektebeelden van het oor, de neus, de keel, de hals, de mond, de kaak en het aangezicht en tegelijk m.b.t. de functiestoornissen van het gehoor, het evenwicht, de stem, de reukzin, de smaak en de kauwfunctie. Vanuit een aantal frequente klachten en/of symptomen kun je afleiden wat de meest voorkomende onderliggende ziektebeelden zijn. Van die ziektebeelden ken je, op het niveau van de basisarts:
- de fysiopathologie, d.w.z. hoe het ziektebeeld ontstaat en tot de klachten en symptomen leidt,
- de klinische en technische onderzoeksmethoden die gebruikt worden om tot de diagnose te komen, d.w.z. inzicht in de principes en resultaten van sommige onderzoeksmethoden en de competenties om andere zelf uit te voeren.
Op basis van het ziektebeeld kun je beslissen of een radiologisch onderzoek zinvol is en kun je aangeven welk type onderzoek het meest geschikt is. Uiteraard herken je ook de radiologische semiologische tekens op het beeldmateriaal voor de belangrijkste aandoeningen. Bovendien ken je van bepaalde aandoeningen de anatoompathologische kenmerken en hun impact op de diagnose.
- de behandeling, d.w.z. inzicht in de principes, in de voor- en nadelen en de competenties om sommige behandelingswijzen zelf uit te voeren.
Ten slotte leer je niet enkel de algemene attitudes van arts-hulpverlener, maar besef je ook dat de aanpak van de NKO- en MKA-aandoeningen vaak een afwegen en/of combineren is van medische behandeling, heelkunde en revalidatie. Natuurlijk ken je voor bepaalde ziektebeelden het belang van preventie en vroegtijdige opsporing.
Begintermen
Je hebt de eindtermen van de bachelor geneeskunde behaald; concreet beheers je de basisstof van de inleidende basiswetenschappen, de bouw van het menselijk lichaam, de cel- en systeembiologie, de orgaansystemen, de neurowetenschappen en de pathologie, immunologie en microbiologie. Je hebt ook de eindtermen van het eerste masterjaar behaald en meer in het bijzonder die uit het thema Algemene geneeskunde (farmacologie, algemene heelkunde, infectieziekten, algemene inwendige ziekten) en uit aanverwante opleidingsonderdelen uit het thema Zenuwstelsel en zintuigen (oogheelkunde).
De opleidingsonderdelen van de opleiding Geneeskunde kunnen enkel gevolgd worden indien men geslaagd is in de toelatingsproef zoals georganiseerd door de Vlaamse Gemeenschap. Voor meer info : http://www.ond.vlaanderen.be/toelatingsexamen/
Aard van het studiemateriaal
Handboek
Artikels en literatuur
Toledo
Cursustekst
Volgtijdelijkheidsvoorwaarden
Dit opleidingsonderdeel is een voorwaarde voor het opnemen van volgende opleidingsonderdelen:
E00N2A : Stage Huisartsgeneeskunde
E01N1A : Stage Psychiatrie / neurologie
E00N5B : Stage Inwendige geneeskunde
E00N8B : Stage Kindergeneeskunde
E01N5B : Stage Gynaecologie / verloskunde
E09M9B : Stage Heelkunde
Onderwijsleeractiviteiten
2.8 sp. Neus-, keel- en oorziekten (B-KUL-E07P0a)
Inhoud
Volgende topics komen in deze leeractiviteit aan bod:
- OOR:
o semiologie van het oor: otoscopie,
o afwijkingen van de oorschelp en / of gehoorgang, oorpijn, oorloop
o slechthorendheid: basisvormen, onderzoek van het gehoor
o gehoorverlies bij jong kind, kleuter, volwassene, oudere patiënt
o hoortoestellen
o tinnitus
o facialilsverlamming
- EVENWICHT:
o semiologie van evenwicht en - stoornissen: onderzoek van het evenwicht, duizeligheid bij de volwassene
- NEUS:
o functie van de neus en de neusmucosa
o semiologie: onderzoek van neus en sinussen,
o afwijkingen van de uitwendige neus, acute verkoudheid, niesbuien en waterige neusloop, chornische neusobstructie bij de volwassene (uni- en bilateraal), epistaxis bij jonge en oudere patiënt, neustrauma
o semioloige van de reukzin: ondezoek van de reukzin, reukverlies,
o kind dat chronisch met open mond ademt
- KEEL:
o semiologie van de farynx: onderzoek van de farynx,
o acute keelpijn, chronische irritatieklachten in de keel, sliklast voor vast voedsel, adenotomie, tonsillectomie
o semiologie van de larynx: onderzoek van de larynx, neonatus met ademhaling en / of voedingsproblemen, jong kind met acute stridor
o trauma van de larynx
o stemgeving: normale stemgeving, dysfonie tgv goedaardige letsels thv de stembanden, dysfonie tgv kwaadaardige letsels thv de stembanden, dysfonie tgv motiliteitstoornis van de stembanden
o korte kennismaking met de logopedie
o semiologie van de hals: onderzoek van de hals, jonge patiënt met pijnloze zwelling in de hals, pijnlijke zwelling in de hals, volwassene met pijnloze zwelling in de hals
o schildklier
- ANATOMOPATHOLOGIE relevant voor NKO aandoeningen
Doelstellingen
Aan het einde van deze onderwijsleeractiviteit kun je aan de hand van een concrete casus tot een diagnose komen van een NKO-aandoening. Je kent dan ook de onderzoeksmethoden die hiervoor gebruikt worden en kunt deze (als dit nodig is) zelf toepassen. Verder kun je via een concrete casus en onderzoeksgegevens een geschikte behandeling opstellen. Je kent ook voor bepaalde ziektebeelden maatregelen van preventie en vroegtijdige opsporing en kunnen deze toepassen. Ten slotte ken je van een aantal aandoeningen de anatoompathologische kenmerken en hun impact op de diagnose en de behandeling
Beschrijving leeractiviteit
Je kent vooraf de inhoud van de lessen zodat je die kunt voorbereiden via het vermelde studiemateriaal. Het is de bedoeling dat dit leidt tot vragen en discussie in de les. Je kunt je vragen ook altijd per e-mail aan de docent stellen. Hij zal ze dan tijdens een van de volgende lessen beantwoorden. In de hoorcolleges leggen we de semiologie uit en demonstreren deze. Via casussen en iconografie stellen we de ziektebeelden voor met tussendoor korte systematische uiteenzettingen. Een deel van één of meer lessen wordt georganiseerd als 'responsiecollege' over de eerdere geziene iconografie (otoscopie, rhinologische en laryngoscopische beelden en audiogrammen). Aansluitend bij het ziektebeeld 'volwassenen met een pijnloze zwelling in de hals' (les 12 bis) geeft de anatoompatholoog anderhalf uur les aan de hand van een casus. Ten slotte zullen we ook de schildklier behandelen.
Studiemateriaal
De basistekst voor NKO is het Zakboek Keel-, Neus-, Oorheelkunde; auteurs: F. Debruyne en H. Marres. Acco, 2011 (herziene druk). De behandelde pathologie is hierin geïntegreerd. Op Toledo staan ook nog beelden van normale en pathologische otoscopie, rhinoscopie en laryngoscopie (als aanvulling van de iconografie van het Zakboek) en hand-outs van de casussen en de aanvullende synthetische schemas die we in de les gebruiken.
1.8 sp. Stomatologie (B-KUL-E07P1a)
Inhoud
Volgende topics komen in deze leeractiviteit aan bod:
- onderzoek van het melk- en definitieve gebit,
- onderzoek naar tandplaque en symptomen van cariës,
- plaque en symptomen van reversibele en niet-reversibele ontsteking van het tandsteunweefsel,
- symptomen van tandtraumata,
- partiële en volledige tandloosheid,
- mondonderzoek en -zorg bij gecompromitteerden,
- semiologie van occlusie en van malocclusie,
- semiologie van normale en abnormale kaakbeweeglijkheid en kauwfunctie,
- normale en abnormale occlusale, skeletale en faciale verhoudingen,
- ontsteking van dentale origine: asymptomatische situatie bij cor vitia, hartkleppen, interne co-morbiditeit,
- ontsteking van dentale origine: asymptomatische situatie bij chronische dentogene infecties,
- ontsteking van dentale origine: symptomatische acute dentogene infecties,
- ontsteking van dentale origine: symptomatische chronische/specifieke dentogene ontsteking,
- cysten in de kaak,
- het acute moment bij een craniofaciaal getraumatiseerde,
- symptomen van fracturen van het gelaatskelet en van weke-delenschade in het gelaat,
- symptomen van slijmvliesafwijkingen,
- kaakbotaandoeningen,
- goedaardige gelokaliseerde opzetting van de speekselklier,
- afwijkingen in de speekselkwaliteit en speekselhoeveelheid,
- kwaadaardig gezwel in het mondslijmvlies met aantasting van de cervicale lymfeklierstreek,
- gezwel in de speekselklier,
- tumor in het bot,
Doelstellingen
Tijdens deze lessen ontwikkel je de nodige kennis, inzicht en besluitvaardigheid om patiënten met mond-, kaak- en aangezichtsproblemen te begeleiden. Je zult dan ook aan de hand van een concrete casus een gerichte diagnostische of behandelende interventie kunnen uitvoeren. Verder leer je je betrokkenheid als basisarts te duiden: directief bij overleg met patiënten en diagnostisch, preventief dan wel therapeutisch of palliatief bij behandeling. Je weet welke houding je moet aannemen bij preventie, bij vroegdiagnose en bij follow-up.
In de eerste vier lessen over tandheelkunde (gebit en het parodontium of tandsteunweefsel) ontwikkel je een basiskennis over de epidemiologisch belangrijke wereld van de mondgezondheidszorg. Deze lessen willen vooral het begrip en de verstandhouding tussen arts en tandarts te stimuleren. In de volgende zes colleges hebben we aandacht voor aandoeningen in de mond, mucosa-afwijkingen, dentogene infecties en cysten, occlusie en kauwstelsel, de speekselklieren, het maxillofaciale skelet en het gezicht. Je krijgt dan inzicht in de functionele en morfologische afwijkingen van congenitale, infectieuze, traumatologische, oncologische, maar ook iatrogene oorsprong. Je kunt dan ook een diagnose en differentiële diagnostiek stellen m.b.t. frequent voorkomende pathologie door gebruik te maken van specifieke onderzoeksmiddelen. Deze lessen verduidelijken de problematiek in de Stomatologie en Mond, Kaak- en Aangezichtspathologie, waarvoor de behandelingen vaak van specialistische, technische en multidisciplinaire aard zijn.
Beschrijving leeractiviteit
Bij de start van elk van de tien hoorcolleges formuleren we de kernvragen van de betrokken medische problematiek. Daarbij hebben we eerst aandacht voor de illustratieve casuïstiek om nadien te focussen op de analyse van de problematiek en het plaatsen ervan in een breder pathologisch denkraam.
Studiemateriaal
Dit bestaat onder andere de cursus Stomatologie. Verder vind je nog een deel van het studiemateriaal op Toledo:
1. De tekst die bij de topic van het betrokken college hoort en de inhoud van het betrokken hoofdstuk pathologie, dat in de les gedoceerd werd, overzichtelijk gestructureerd. Elke lestekst is beperkt tot maximaal 8 bladzijden, tekengrootte 12, regelafstand 1.5.
2. De Powerpointpresentatie die we gebruikten in de les. Deze omvat de inleidende probleemsituerende casuïstiek en de gestructureerde inhoud van de topic van het hoorcollege. In elke presentatie vind je illustratief beeldmateriaal, naast grafieken en tabellen.
3. De auditieve opname van de les in MP3-vorm.
Verder krijg je nog:
1. verwijzingen naar referentieliteratuur en aanbevolen studieboeken,
2. verwijzingen naar gerelateerde internetsites,
3. per les een zestal examenvragen die elk een aspect van de kernkennis van de topic omvatten. Deze vragen krijg je letterlijk bij het examen en moet je tijdens de bespreking kunnen beantwoorden.
0.4 sp. Radiologie op gebied van NKO/Stomato (B-KUL-E07P2a)
Inhoud
Deze onderwijsleeractiviteit bestaat uit twee lessen:
Les 1 (1.5u):
- Mogelijkheden en beperkingen van de verschillende radiologische onderzoekmethoden in het
hoofd-halsgebied
- Beeldvorming van de neus, paranasale sinussen en maxillofaciaal massief
- Beeldvorming van de speekselklieren
- Beeldvorming van het kaakgewricht
Les 2 (1.5u):
- Beeldvorming van het rotsbeen, inwendige gehoorgang, brughoek
- Beeldvorming van de hals
Doelstellingen
Op basis van het ziektebeeld kun je beslissen of een radiologisch onderzoek zinvol is. Verder weet je welk type onderzoek het meest geschikt is voor de belangrijkste aandoeningen op vlak van NKO en MKA aangeven. Ten slotte herken je de radiologische semiologische tekens op het beeldmateriaal voor de belangrijkste aandoeningen.
Beschrijving leeractiviteit
Je kent vooraf de inhoud van de lessen zodat je die kunt voorbereiden met de hulp van het studiemateriaal. De bedoeling is dat dit leidt tot vragen en discussie in de les.
Studiemateriaal
De inhoud van de lessen en de gebruikte casussen vind je terug op Toledo.
Evaluatieactiviteiten
Evaluatie : Neus-, keel- en oorziekten en stomatologie (B-KUL-E22L7a)
Toelichting
Schriftelijk examen met mondelinge toelichting.
Het examen bestaat uit twee examenonderdelen:
NKO (waarin de OLA NKO met bijhorende radiologische en anatomopathologische aspecten
worden bevraagd).
stomatologie (waarin de OLA stomatologie met de bijhorende radiologische aspecten en
anatomopathologische aspecten worden bevraagd)
De studenten krijgen vier vragen (2 x NKO en 2 x stomato, al dan niet met radiologische aspecten
hierin verwerkt) die ze schriftelijk beantwoorden.
Vervolgens is er de mondelinge toelichting: voor de helft van de studenten is dat voor de twee vragen
NKO bij prof. Debruyne en voor de andere helft van de studenten is dat voor de twee vragen stomato
bij prof. Schoenaers.
Er wordt een gewogen gemiddelde berekend van beide deelpunten (NKO 3/5 en stomato 2/5).
