Vraagstukken uit de penologie en forensische hulpverlening (B-KUL-C09C6A)

6.0 studiepunten Nederlands 26.0 Tweede semesterTweede semester Gespecialiseerd
Aertsen Ivo (coördinator) |  Aertsen Ivo |  Bogaerts Stefan
POC Criminologische wetenschappen

Kennen: 
- inzicht in een aantal algemene ontwikkelingen inzake (onderzoek en theorievorming op het vlak van de) penologie en forensische hulpverlening;
- wetenschappelijke kennis met betrekking tot een aantal specifieke thema's;
- gedegen kennis van de voorzieningen (beleid, wetgeving, institutioneel kader, feitelijk functioneren);
- vertrouwdheid met en kennis van evaluatief onderzoek met betrekking interveniëren in een strafrechtelijke context
Kunnen: ontwikkelen van onderzoeks- en beleidsgericht denken i.v.m. bestraffing, strafuitvoering en forensische hulpverlening
Houding: aanleren van een kritische en wetenschappelijk onderbouwde houding ten aanzien van straftoemeting, strafuitvoering en forensische hulpverlening

Kennen: basiskennis penologie zoals aangeboden in de cursus penologie en penitentiair recht in derde jaar bachelor; basiskennis strafrecht en strafprocesrecht; basisbeginselen gedragswetenschappen (psychologie, sociologie, antropologie, psychopathologie); vertrouwdheid met gerechtelijke geestelijke gezondheidszorg (geen strikte vereiste)
Kunnen: ontsluiten domein via internationale publicaties; grondige vertrouwdheid met gedragswetenschappelijke onderzoeksmethoden
Houding: uitgesproken interesse in de problemen van de straftoemeting, strafuitvoering en forensiche hulpverlening

Penologie wordt hier gedefinieerd als de empirische gedragswetenschappelijke (sociologische en psychologische) en historische studie van de strafrechtelijke sancties, de rechterlijke straftoemeting aan de basis ervan, en de tenuitvoerlegging van de strafrechtelijke sancties. Forensische hulpverlening betreft diverse vormen van gedragsdeskundige, hulpverlenende interventies in de opeenvolgende fasen van de strafrechtsbedeling en zowel in een vrijheidsbenemende als een niet-vrijheidsbenemende context.
In dit opleidingsonderdeel worden, tegen de achtgergrond van algemene ontwikkelingen inzake penologie en forensische hulpverlening, een aantal 'capita selecta' behandeld. Voorbeelden hiervan zijn: maatschappelijke evoluties in 'punitiviteit', Europees beleid inzake gevangeniswezen en rechten van gedetineerden, welzijn van gedetineerden en gevangenispersoneel in onderlinge samenhang, de evaluatie van de hulpverlening aan gedetineerden, nieuwe ontwikkelingen inzake 'pre-therapie' in een justitieel kader, diagnostiek en risicotaxatie, de effectiviteit van leersancties, behandelingsprogramma's voor plegers van partnergeweld, de problematiek van veroorzakers van verkeersongevallen, de prevalentie van ADHD bij daders én slachtoffers, 'desistance' of het afzien van een verdere delinquente loopbaan, ...

Artikels en literatuur
Presentatiesoftware
Toledo

Onderwijsleeractiviteiten

6.0 sp. Vraagstukken uit de penologie en forensische hulpverlening (B-KUL-C09C6a)

6.0 studiepunten Nederlands Werkvorm: College 26.0 Tweede semesterTweede semester
POC Criminologische wetenschappen

Penologie wordt hier gedefinieerd als de empirische gedragswetenschappelijke (sociologische en psychologische) en historische studie van de strafrechtelijke sancties, de rechterlijke straftoemeting aan de basis ervan, en de tenuitvoerlegging van de strafrechtelijke sancties. Forensische hulpverlening betreft diverse vormen van gedragsdeskundige, hulpverlenende interventies in de opeenvolgende fasen van de strafrechtsbedeling en zowel in een vrijheidsbenemende als een niet-vrijheidsbenemende context.
In dit opleidingsonderdeel worden, tegen de achtgergrond van algemene ontwikkelingen inzake penologie en forensische hulpverlening, een aantal 'capita selecta' behandeld. Voorbeelden hiervan zijn: maatschappelijke evoluties in 'punitiviteit', Europees beleid inzake gevangeniswezen en rechten van gedetineerden, welzijn van gedetineerden en gevangenispersoneel in onderlinge samenhang, de evaluatie van de hulpverlening aan gedetineerden, nieuwe ontwikkelingen inzake 'pre-therapie' in een justitieel kader, diagnostiek en risicotaxatie, de effectiviteit van leersancties, behandelingsprogramma's voor plegers van partnergeweld, de problematiek van veroorzakers van verkeersongevallen, de prevalentie van ADHD bij daders én slachtoffers, 'desistance' of het afzien van een verdere delinquente loopbaan, ...
 

Kennen: 
- inzicht in een aantal algemene ontwikkelingen inzake (onderzoek en theorievorming op het vlak van de) penologie en forensische hulpverlening;
- wetenschappelijke kennis met betrekking tot een aantal specifieke thema's;
- gedegen kennis van de voorzieningen (beleid, wetgeving, institutioneel kader, feitelijk functioneren);
- vertrouwdheid met en kennis van evaluatief onderzoek met betrekking interveniëren in een strafrechtelijke context
Kunnen: ontwikkelen van onderzoeks- en beleidsgericht denken i.v.m. bestraffing, strafuitvoering en forensische hulpverlening
Houding: aanleren van een kritische en wetenschappelijk onderbouwde houding ten aanzien van straftoemeting, strafuitvoering en forensische hulpverlening
 

Actieve deelname aan hoorcolleges; voorbereiding door middel van literatuur; verdere zelfstudie; integratie binnen het geheel van de opleiding.

Literatuur wordt ter beschikking gesteld ter voorbereiding van de hoorcolleges.

Evaluatieactiviteiten

Evaluatie: Vraagstukken uit de penologie en forensische hulpverlening (B-KUL-C29C6a)

Modaliteit van de evaluatie : Mondeling met schriftelijke voorbereiding
Tijdstip : examen tijdens de examenperiode
Soort evaluatie : Gesloten boek

De evaluatie (20p) van Vraagstukken uit de penologie en forensische hulpverlening is gebaseerd op de volgende samenvattende hoofdcomponent:
Klassiek mondeling examen (20p), waarbij gepeild wordt naar accurate kennis, het vermogen om wetenschappelijke inzichten en bevindingen toe te passen op concrete situaties en de capaciteit tot persoonlijke en kritische reflectie.

Indien een student in de eerste zittijd niet slaagt voor dit opleidingsonderdeel, wordt voor de tweede zittijd in een herexamen voorzien.
Indien een student niet slaagt voor het opleidingsonderdeel in tweede zittijd, dient het volledige opleidingsonderdeel opnieuw gedaan te worden.